Tanden en kiezen transplanteren naar een nieuwe plek in het gebit

Ontbreekt er een tand of kies, terwijl elders in het gebit een geschikte tand aanwezig is? Soms kan die eigen tand worden verplaatst naar de plek waar een gebitselement ontbreekt. Dit noemen we tanden en kiezen transplanteren of autotransplantatie.

Vooral bij kinderen en jongeren kan dit een interessante oplossing zijn. Een eigen tand die nog in ontwikkeling is, kan na de transplantatie verder groeien en onderdeel worden van het natuurlijke gebit. Bij Kaakmeesterz onderzoeken we zorgvuldig of een tandtransplantatie mogelijk is en werken we waar nodig samen met de orthodontist en tandarts.

Wanneer kan een tandtransplantatie een oplossing zijn?

Niet iedere ontbrekende tand hoeft door een implantaat, brug of andere kunstmatige voorziening te worden vervangen. In bepaalde situaties kan een eigen tand worden gebruikt.

Het transplanteren van tanden en kiezen kan bijvoorbeeld worden overwogen wanneer:

  • Een blijvende tand niet is aangelegd;
  • Een tand door een ongeval verloren is gegaan;
  • Een beschadigde tand niet meer behouden kan worden;
  • Op een andere plek in de mond een geschikte tand beschikbaar is;
  • Een tand om orthodontische redenen toch verwijderd zou moeten worden;
  • Een kunstmatige vervanging op jonge leeftijd nog niet wenselijk is.

Vooral bij jonge patiënten kan autotransplantatie interessant zijn, omdat de kaken en het gebit nog in ontwikkeling zijn.

Of de behandeling daadwerkelijk mogelijk is, hangt sterk af van de beschikbare donortand, de ontwikkeling van de wortel en de ruimte op de plek waar de tand moet worden geplaatst.

Vooral geschikt voor kinderen en jongeren

Een tandtransplantatie kan op verschillende leeftijden worden uitgevoerd, maar de biologische omstandigheden zijn vaak bijzonder gunstig wanneer de te verplaatsen tand nog niet volledig is ontwikkeld.

Bij een jonge tand is de wortel nog in ontwikkeling. Na een succesvolle transplantatie kan deze ontwikkeling doorgaan. Ook kan de tand meegroeien met de kaak.

Dat maakt autotransplantatie vooral interessant bij kinderen en jongeren die nog groeien. Een implantaat groeit namelijk niet mee met het kaakbot en is daarom niet in iedere groeifase een geschikte oplossing.

De kalenderleeftijd is echter niet het enige criterium. De kaakchirurg kijkt vooral naar het ontwikkelingsstadium van de tand en de wortel.

Eerst uitgebreid onderzoek en behandelplanning

Voordat we tanden of kiezen transplanteren, moet duidelijk zijn of zowel de donortand als de nieuwe plaats geschikt zijn. Tijdens het onderzoek kijken we naar het gebit, de kaak en de beschikbare ruimte. Met röntgenbeelden kunnen we de positie en wortelontwikkeling van de donortand beoordelen.

Ook de plek waar de tand naartoe moet, wordt zorgvuldig onderzocht. Er moet voldoende ruimte zijn om de tand op een goede positie te plaatsen en het omliggende kaakbot en tandvlees moeten geschikt zijn.

Autotransplantatie is regelmatig onderdeel van een uitgebreider orthodontisch behandelplan. Daarom vindt de voorbereiding vaak plaats in overleg met de orthodontist. Op basis van alle informatie wordt bepaald of transplantatie mogelijk is en op welk moment de behandeling het beste kan plaatsvinden.

Hoe worden tanden en kiezen getransplanteerd?

Tijdens de behandeling wordt eerst de plaats voorbereid waar de tand of kies moet komen. Vervolgens maakt de kaakchirurg de donortand voorzichtig vrij. Hierbij is het belangrijk dat de tand en vooral het weefsel rond de wortel zo weinig mogelijk worden beschadigd.

De tand wordt daarna direct op de nieuwe plaats in de kaak gezet. De nieuwe positie moet voldoende ruimte bieden en aansluiten op het geplande behandeltraject.

Na het plaatsen wordt de tand tijdelijk gestabiliseerd zodat de omliggende weefsels kunnen herstellen. Hiervoor kan bijvoorbeeld hechtingsmateriaal of een andere tijdelijke ondersteuning worden gebruikt.

De precieze uitvoering verschilt per situatie. Vooraf legt de kaakchirurg uit welke stappen in jouw behandeling nodig zijn.

Kan de getransplanteerde tand verder groeien?

Dat is juist een van de bijzondere eigenschappen van autotransplantatie bij jonge patiënten.

Wanneer een tand met een nog niet volledig ontwikkelde wortel succesvol wordt getransplanteerd, kan de wortel na de behandeling verder groeien. Ook het kaakbot en tandvlees rond de tand kunnen zich aan de nieuwe situatie aanpassen. Daardoor blijft het een biologisch onderdeel van het gebit.

Dat vormt een belangrijk verschil met een implantaat. Een implantaat is een kunstmatige tandwortel die stevig in het kaakbot staat, maar zelf niet meegroeit met een zich ontwikkelende kaak. Juist daarom kan autotransplantatie bij een geschikte jonge patiënt een waardevolle manier zijn om een ontbrekende tand te vervangen.

Kan een getransplanteerde tand met een beugel worden verplaatst?

Ja, een succesvol getransplanteerde tand kan in veel gevallen later orthodontisch worden verplaatst.

Dat is belangrijk, omdat de tand tijdens de operatie niet altijd direct exact op de uiteindelijke positie hoeft te worden geplaatst. Nadat voldoende genezing heeft plaatsgevonden, kan de orthodontist de stand verder corrigeren.

Ook de ruimte die achterblijft op de plaats waar de donortand vandaan kwam, kan onderdeel zijn van het orthodontische behandelplan. Daarom werken kaakchirurg en orthodontist bij autotransplantaties vaak nauw samen.

Kan een getransplanteerde tand mislukken?

Zoals bij iedere chirurgische behandeling zijn er risico’s. Een getransplanteerde tand moet zich biologisch herstellen op een nieuwe plaats. Dat proces verloopt meestal goed wanneer de omstandigheden gunstig zijn, maar complicaties zijn mogelijk.

Zo kan het levende weefsel in de tand beschadigd raken en kan in sommige gevallen een wortelkanaalbehandeling nodig zijn. Ook kunnen wortelresorptie, ontsteking of een te sterke vergroeiing van de tand met het kaakbot optreden.

Goede planning, een zorgvuldige operatietechniek en controles na de behandeling zijn daarom belangrijk. Tijdens de intake bespreken we de mogelijkheden én de risico’s die specifiek voor jouw situatie gelden.

Hoe lang duurt het herstel na een tandtransplantatie?

De eerste wondgenezing vindt plaats in de periode direct na de operatie, maar het volledige biologische herstel duurt langer.

De getransplanteerde tand wordt daarom gedurende langere tijd gecontroleerd. Bij een tand waarvan de wortel nog niet volledig is gevormd, wordt ook gevolgd of de wortel zich verder ontwikkelt.

Wanneer orthodontische behandeling nodig is, bepaalt de orthodontist wanneer het verantwoord is om de getransplanteerde tand verder te verplaatsen.

Het volledige behandeltraject kan daardoor langer duren dan alleen de chirurgische ingreep zelf.